moccasingame
BACK

Een mocassingame tussen

de Tokala en de Sotka Yuha



De lange donkere winteravonden werden vaak opgevuld met spannende gezelschapsspelen. Een van de meest favoriete spelen was het mocassinspel dat vaak gespeeld werd door jongemannen van rivaliserende Akicita societies.

Een van die spelen werd naverteld….


“Aan één zijde van de tipi zaten de Tokalas, aan de andere zijde de Sotka’s.


Iemand werd geselecteerd om de weddenschappen op te halen bij de Sotka’s, welke dan werden tentoongespreid voor de leden van de andere ploeg welke dan ieder een voorwerp namen en er hun eigen weddenschap aan vastknoopten. Deze bundels werden dan opeengestapeld in de achterzijde van de tipi.


Zowel de Sotka’s als de Tokalas waren vergezeld van vier zangers, elk voorzien van een handdrum. De Sotka die werd verkozen om eerst te spelen, een dapper krijger, ontving een stokje omwikkeld met rood hertenleer, klein genoeg om in de hand verstopt te worden. Deze stokjes die werden gemaakt door dromers werden geacht om onzichtbaar te kunnen worden. Wanneer deze krijger zich voor zijn team oprichtte, zongen de Sotka zangers een kort lied waarop hij danste. Aan het einde van het lied vertelde hij over zijn roemruchte daden, en vervolgens, zich omdraaiend, benoemde hij één van zijn teamleden als “rader”. Bovendien had elk team een “keeper” van 7 lange stokjes die voor het bijhouden van de score werden gebruikt.


Knielend voor hun team zaten de Sotka krijger en zijn “rader” vóór de Tokala krijger en “rader”. De Sotka krijger schuifelde dan onder zijn ‘robe’ het kleine stokje over en weer tussen de beide handen. Opeens stak hij zijn beide vuisten vooruit terwijl enkel de wijsvingers vooruitstaken en wezen in de richting van zijn tegenstrevers. Gedurende al die tijd zongen de zangers een lied, steeds meer crescendo tot wanneer krijger zijn handen vooruitstak.


Intussen hield de Tokala tegenspeler nauwlettend heel het gebeuren in het oog en wees met een teken uiteindelijk de hand aan waarin hij veronderstelde dat de Sotka het stokje had verborgen. Hij raadde juist, en nam het stokje over van de Sotka evenals een puntenstokje van de “keeper”.


Door juist te raden hadden de Tokala de voorafgaandelijke ronde gewonnen en daarmee het recht om als eerste een paar krijgers te kunnen inzetten, die met een stokje in de handen verborgen knielden voor de Sotka rader.


De Tokala drummers begonnen nu te zingen, en toen het ritme versnelde hielden de twee Tokala krijgers hun vuisten met wuivende geboren vóór de speler van de Sotkaploeg.


Deze had het hele gebeuren aandachtig gadegeslagen en duidde met de gestrekte vingers van de rechterhand aan dat de tegenstrevers hun stokjes hadden verborgen in de buitenste handen. Dat was helemaal fout want de stokjes bevonden zich in de twee binnenste handen van het paar, met als resultaat dat de Sotka’s twee stokjes verloren. Om te winnen had hij hier een snijdende beweging moeten maken met zijn rechterhand.


Opnieuw verborgen de Tokala hun stokjes, de zangers hernamen hun lied, de armen begonnen te waaieren, en de Sotka speler gaf aan dat de spelers hun stokjes verborgen hadden in de beide rechterhanden, door de eerste en tweede vinger van zijn linkerhand uit te steken naar zijn tegenstrevers. Dit was correct en de Sotka’s wonnen één stok én het recht om opnieuw het spel te leiden. Een spel misraden kostte twee stokjes, er een juist raden bracht slechts één stokje op.


Het volgende paar Stoka spelers had een krijger die uitermate bedreven was in het spel en die een stokje tussen de beide handen kon over en weer gooien, een magische goochelaar die daardoor de tegenspelers aardig kon in de war brengen. Deze speler was zo begaafd dat de Tokala verschillende stokjes verloren en ten einde raad hun “rader” vervingen door een andere speler. Deze laatste had veel meer inzicht in het spel en kon op zijn beurt vele stokjes van de Sotka’s terugwinnen.


Zo ging het spel steeds verder, terwijl elk team zijn “raders” en spelers regelmatig wisselde, naargelang de kansen keerden, tot op een gegeven ogenblik een Tokala “rader”, gekend voor zijn magische krachten en inzicht, één van zijn mocassins uittrok, en deze op de grond voor hem begon te slaan. Terwijl de Sotka spelers op magische wijze probeerden de stokjes te verwisselen tussen de verborgen handen, stal de Tokala “rader” op magische wijze één van de stokjes van de tegenstrevers die helemaal uit hun lood vergeefs zochten naar waar dat stokje gebleven was.


Maar dan, met een diepe keelklank trok de Tokala triomfantelijk het stokje uit zijn mocassin en wierp dat achteloos naar de Sotka’s die automatisch hierdoor het spel verloren.


De Tokalas feliciteerden hun kampioen hierop, namen hun gewonnen weddenschappen mee en verdwenen…."












Ludo Van den Bussche - Sunkmanitu Tanka Okolaya

Ex First Chief van de Sotka Yuha Warrior Society

Member of the Ska Yuha Society